Diabetes-dieet.info, algemene- en extra informatie, HbA1c, diabetesdagboek, dagmenu, gezonde voeding, koolhydratenlijst en gewicht.


          

          

  Diabetes.uwpagina.nl Diabetes.startpagina.nl Diabetes.startkabel.nl Diabetes.jumppage.nl Beste-startpagina.nl Diabetes.sitepark.nl Diabeteslinks.nl Diabetes.2link.be  
 Algemene info  Extra info  HbA1c  Diabetesdagboek  Dagmenu  Gezonde voeding  Koolhydratenlijst  Gewicht  Forum  Nieuws  Links
Diabetes: Extra informatie
De mogelijkheid bestaat dat u te maken krijgt met te hoge of te lage bloedglucosewaarden. Deze kunnen beïnvloed worden door de voeding.

HYPO
Hypoglykemie, ook wel hypo genoemd, betekent "te weinig glucose in het bloed" (minder dan 4,0 millimol per liter). Een hypo kan ontstaan door:

- een te hoge dosis van uw medicijnen
- te laat eten van een maaltijd
- het eten van een maaltijd met te weinig koolhydraten
- het gebruik van alcoholische dranken zonder koolhydraten
- extra lichamelijke inspanning

De verschijnselen waaraan u een hypo kunt herkennen zijn o.a.: duizeligheid, beven, bleekheid, hoofdpijn en vermoeidheid ("geeuwhonger"), zweten.

Wat te doen bij een hypo.
Reageer meteen op de eerste verschijnselen:

1. Stop met de bezigheden.
Een hypo zorgt ervoor dat de concentratie verloren gaat, zodat er fouten gemaakt kunnen worden.
2. Test zo mogelijk de bloedglucosewaarde. Zo krijgt u zekerheid of er inderdaad sprake is van een hypo.
3. Neem glucose (suiker die snel in het bloed opgenomen wordt).
   Dit moet ongeveer 10-20 gram (1) glucose zijn:
      5 à 6 tabletten druivensuiker
      1 glas met 2 vingers dik "gewone" limonadesiroop eventueel aangelengd met water
      1 glas dubbeldrank
      1 glas frisdrank met suiker
4. Test na 15 minuten de bloedglucosewaarde opnieuw.
De bloedglucosewaarde is doorgaans weer normaal. Wanneer dit niet het geval is kan er nog eens glucose worden genomen (met weer een test na 15 minuten).
5. De hypo is voorbij.

Voor personen die 2 x daags insuline spuiten of bloedglucoseverlagende (2) middelen gebruiken geldt nog het volgende: wanneer u de daarop volgende 2 uur nog niet gaat eten, neem dan nog extra koolhydraten die langzaam opgenomen worden in het bloed, bijvoorbeeld een snee brood, een plak koek of een portie fruit.

N.B. Eet pas als de hypo voorbij is: tijdens een hypo bestaat een sterk hongergevoel, waardoor de neiging ontstaat veel te eten. Neem eerst alleen de portie glucose en onderdruk de neiging om heel veel te eten. Daardoor zou de bloedglucose 1 of 2 uur later veel te hoog worden, zodat er dan een ontregeling naar de andere kant kan ontstaan. In zo'n geval kan het dagen duren voordat de bloedglucose weer goed gereguleerd is.

Zorg in ieder geval dat u een van bovengenoemde glucoserijke producten altijd bij u heeft, zodat u een hyp kunt opvangen.

(1) Na verloop van tijd weet u uit ervaring hoeveel glucose u dient te nemen om uw bloedglucosewaarde (een aantal punten) te laten stijgen.

(2) Het betreft bloedglucoseverlagende middelen die de insuline-afgifte stimuleren (o.a. Daonil, Amaryl, Diamicron, Rastinon). Een hypo bij tabletten kan heel lang duren en zelfs weer terug komen nadat u al iets extra's hebt gegeten of gedronken. Het is verstandig om bij extra lichamelijke arbeid/sport een half uur van te voren extra koolhydraten te eten.
Hebt u vaak last van een hypo, raadpleeg dan uw arts, diabetesverpleegkundige of diëtist.
ANATOMIE VAN DIABETES
HYPER
Hyperglykemie, ook wel hyper genoemd, betekent "te veel glucose in het bloed" (meer dan 10 millimol per liter). Oorzaken voor een hyper kunnen zijn:

- een te lage dosis medicijnen
- een maaltijd met te veel koolhydraten
- stress
- koorts

De verschijnselen waaraan u een hyper kunt herkennen zijn o.a.: dorst, vaak plassen, droge tong, jeuk, slaperigheid en moeheid (lusteloosheid).

Een hyper kunt u soms verlagen door uw dieet aan te passen aan de omstandigheden (eventueel in overleg met uw diëtist), extra lichaamsbeweging te nemen of in overleg met uw arts de medicatie aan te passen.

Hebt u vaak last van bovenstaande verschijnselen, wacht dan niet te lang met het raadplegen van uw arts.

LICHAMELIJKE INSPANNING
Er zijn veel vormen van lichamelijke inspanning: wandelen, fietsen, sporten, maar ook zwaar lichamelijk werk, zoals de tuin spitten, stofzuigen of de grote schoonmaak.

Voor uw gezondheid is het raadzaam om dagelijks ten minste een half uur te bewegen, op zo'n manier dat u er een matige tot redelijke inspanning voor moet leveren.

U bent matig tot redelijk actief als u er behoorlijk voor moet ademhalen en uw hart er sneller van gaat kloppen.

Lichamelijke inspanning heeft positieve gevolgen: de opname van glucose uit het bloed verloopt sneller en beter. Lichamelijke inspanning kan daardoor het bloedglucose verlagen. Regelmatige lichamelijke inspanning kan er toe leiden dat de medicatie (tabletten of insuline) verminderd kan worden. Beweging werkt ontspannend en biedt ondersteuning bij vermageren.

Niet dagelijkse extra inspanning
Bij het gebruik van insuline of bloedclucoseverlagende tabletten (1) in combinatie met extra lichamelijke inspanning gelden de volgende regels:

Indien vóór de inspanning het bloedglucosegehalte:

- te hoog (15 mmol/l of hoger): geen extra lichamelijke inspanning verrichten. In deze situatie zal de inspanning namelijk leiden tot een verdere verhoging van de bloedclucosewaarde.
- te laag (lager dan 5 mmol/l): vóóraf koolhydraten gebruiken om de bloedglucosewaarde te normaliseren. Daarna handelen zoals bij "tussen de 5 en 15 mmol/l" staat beschreven.
- tussen de 5 en 15 mmol/l: gebruik extra koolhydraten vóór de inspanning.
  • Bij insulinegebruik kunt u, als u nog moet spuiten, de dosering van de insuline verminderen. Ook kunnen zowel minder spuiten en meer eten gelijktijdig gedaan worden. Op geleide van de bloedglucosewaarden en ervaring kan bepaald worden hoeveel de insulinedosering geminderd kan worden.
  • Verminderen of weglaten van bloedglucoseverlagende tabletten is geen oplossingom hypo's bij lichamelijke inspanning te voorkomen.
Voor tabletgebruikers die geen zelfcontrole toepassen is het advies als volgt:

Bij extra inspanning neemt u 15 gram koolhydraten extra. Zorg er voor dat u altijd iets met koolhydraten bij u heeft om een eventuele hypo op te vangen.

N.B. Sporten met een volle maag kan onplezierig zijn. Neem dan de extra koolhydraten in de vorm van koolhydraatrijke dranken, zoals: vruchtensap, frisdrank of limonade. Het kan nodig zijn tijdens en/of na het sporten nog extra koolhydraten te gebruiken.

Afhankelijk van het type axtiviteit, de duur en de medicatie, heeft lichaamsbeweging effect op uw bloedglucosegehalte. Dit effect kan nog enkele uren na uw lichaamsbeweging aanhouden. Het bepalen van de bloedglucosewaarde is de beste manier om op de juiste wijze te corrigeren met extra koolhydraten en zo mogelijk met aanpassing van de insulinedosering.

(1) Houdt er rekening mee dat niet alle soorten tabletten even sterk bloedsuikerverlagend werken in combinatie met lichamelijke inspanning. Kijk voor informatie op de bijsluiter of vraag uw arts of diëtist.
SPANNING EN STRESS
Zorg op tijd voor de nodige ontspanning; dat komt uw diabetesinstelling ten goede. Spanning en stress hebben een negatieve invloed op het bloedglucosegehalte.

Het is goed om te weten hoe u reageert op omstandigheden die spanning met zich mee brengen. Een afwijkende bloedglucosewaarde kunt u dan verklaren.

ZIEKTE EN KOORTS
Ziek zijn gaat vaak samen met minder eetlust, het slikken kan pijnlijk zijn en verkoudheid kan een benauwd gevoel geven.

Als gewoon eten niet lukt, probeer dan de benodigde koolhydraten te gebruiken in vloeibare vorm. Kies in plaats van brood bijvoorbeeld pap, vla of vruchtensap. Meer mogelijkheden kunt u vinden onder menukeuze 'Diabetesdagboek' in het menu onder 'Voeding + Dranken'.

Probeer in ieder geval voldoende vocht te gebruiken, minimaal 1½ liter per dag. Bij braken, diarree of koorts moet de hoeveelheid vocht nog groter zijn.

Bij ziekte moet u de voorgeschreven hoeveelheid insuline of tabletten blijven gebruiken, ook al eet u niet.
Soms zal zelfs meer insuline nodig zijn, omdat ziekte, met name koorts, vaak samen gaat met een verhoging van het bloedglucosegehalte. Hebt u materiaal voor zelfcontrole dan kunt u uw bloedglucose zelf controleren.

Bij twijfel of als u geen voedsel of drinken binnen kunt houden, dient een arts geraadpleegd te worden!

UITSLAPEN
Een uurtje uitslapen is geen probleem. De insuline moet, evenals de voeding, normaal na het opstaan gebruikt worden.

Bij uitslapen langer dan 1 uur.
1 à 2 keer daags spuiten: op de normale tijd 's ochtends insuline spuiten en eten, daarna verder slapen.

Een eventueel tussendoortje in de ochtend kan overgeslagen worden, mdat u minder actief bent.

3 x daags voor de maaltijden kortwerkende insuline: uitslapen is geen enkel probleem. Na het opstaan wordt de hoeveelheid insuline van dat moment gespoten en de bijpassende hoeveelheid koolhydraten gebruikt. Een eventueel tussendoortje in de ochtend kan overgeslagen worden, omdat u minder actief bent.

Tablet gebruik: uitslapen is geen enkel probleem.

VAKANTIE EN REIZEN
Eettijden zijn tijdens de vakantie veelal wisselend en in het buitenland zijn de voedingsgewoonten dikwijls anders.

Het is verstandig u vooraf op de hoogte te stellen van de (voedings)gewoonten in het land waar u naar toe gaat. Daarnaast moet u weten welke variaties binnen uw dieetadvies mogelijk zijn.

Bij 1 à 2 keer daags insuline spuiten, is één uur eerder of later eten dan de gebruikelijke tijd geen probleem.

Bij 3 keer daags voor de maaltijden kortwerkende insuline spuiten, kunt u zich aan de eettijden van het land aanpassen.

Voor tabletgebruikers geldt dat zij hun medicatie gewoon voor de maaltijd gebruiken, ook als deze later dan normaal gebruikt wordt.

Gebruikt u insuline en u gaat een lange vliegreis maken waarbij tijdsverschil optreedt, overleg dan met de arts of diabetesverpleegkundige hoe de insulinedosering aangepast kan worden.

De diëtist kan adviezen geven met betrekking tot de voeding tijdens de reis en in het vakantieland.

De meest zekere methode bij bijzondere omstandigheden is om de bloedglucosewaarden te bepalen.
Afhankelijk van de hoogte van de bloedglucosewaarde bepaalt u hoeveel u gaat spuiten of wat de hoeveelheid is die u kunt eten.